vaccin_750

Covid-19: het effect van vaccins op het risico op transmissie

Experten zijn altijd erg voorzichtig geweest met de bewering dat vaccinatie de overdracht van het virus vermindert. Maar sommige recente onderzoeken tonen heel duidelijke effecten aan op de overdracht. Prof. Elie Cogan en dr. Jean Gérain maken de balans op.

De werkzaamheid van alle vaccins die tegen SARS-Cov-2 werden ontwikkeld is opmerkelijk bij symptomatische infecties. In de fase 4-studie met bijna 1.200.000 mensen, zeven dagen of meer na twee doses Pfizer-vaccin, verminderde vaccinatie de symptomatische infecties met 94%, ernstige infecties met 92% en ziekenhuisopnames met 87%1.

De resultaten van onderzoeken om het risico op asymptomatische infecties te verminderen zijn voorlopig slechts gedeeltelijk beschikbaar. Omdat asymptomatische patiënten een mogelijke bron van overdracht van de ziekte zijn, zijn experts altijd erg voorzichtig geweest met het beweren dat vaccinatie de overdracht van het virus vermindert, en dringen ze er bij gevaccineerde mensen op aan om alle voorzorgsmaatregelen te blijven volgen.

In de fase 3-studie van het Moderna-vaccin toonde een PCR (op nasofarynxuitstrijkje) uitgevoerd vóór de toediening van de tweede dosis aan dat de aanwezigheid van het virus al heel significant was gedaald, waardoor een vermindering van het risico op transmissie op 60% geschat werd,  zelfs vóór toediening van de tweede dosis2.

Men stelde ook vast dat het risico op virusoverdracht direct verband houdt met de virale lading bij zowel symptomatische als asymptomatische dragers3,4. Een recente studie wijst op een vermindering van de virale load met 1,6 tot 20 keer bij personen die gevaccineerd werden met het Pfizer-vaccin, een indirecte indicatie van een heel uitgesproken effect op de transmissie5.

De ‘preprint’ van een nog niet gepubliceerde studie van Astra Zeneca en Oxford University duidt op een vermindering van 67% van de virusoverdracht vanaf de eerste dosis6. Het is daarom heel waarschijnlijk dat de vermindering van de virusoverdracht nog groter zal zijn na volledige vaccinatie, dat wil zeggen in de orde van grootte van twee weken na de tweede dosis, een periode die varieert afhankelijk van het vaccin.

Maar het en ander moet wel gepreciseerd worden. Het risico op overdracht na vaccinatie werd vastgesteld op basis van het uitvoeren van een PCR-test vóór de toediening van de tweede dosis vaccin. De aanwezigheid van virus dat door PCR wordt gedetecteerd, is niet synoniem met het risico op overdracht, omdat de PCR waarschijnlijk lage virale ladingen identificeert en daarom niet noodzakelijkerwijs voldoende is om verantwoordelijk te zijn voor mogelijke overdracht, wat bovendien wordt bevestigd door de algehele vermindering van de virale lading bij gevaccineerde personen5.

Het concept van overdracht van het virus na vaccinatie impliceert dat de gevaccineerde persoon mogelijk met het virus is besmet. In feite is de bescherming door vaccinatie niet volledig, zowel bij asymptomatische als symptomatische infecties.

Zolang de virale circulatie aanzienlijk is en bij een koortsachtig griepachtig beeld of enig symptoom dat wijst op covid-19, moeten we alert blijven voor de mogelijkheid van een SARS-CoV-2-infectie, zelfs bij gevaccineerde patiënten. Dit rechtvaardigt ook dat  gevaccineerde mensen de afstandsregel moeten blijven respecteren, zelfs als het risico op besmetting door vaccinatie daalt met meer dan 90%. Maar 90% is geen 100% …

Licht aan het einde van de tunnel?
Op basis van de opmerkelijke persoonlijke bescherming die vaccinatie met zich meebrengt, hebben de Centers for Disease Control and Prevention (CDC) onlangs besloten dat goed gevaccineerde mensen elkaar mochten ontmoeten, zelfs in gesloten ruimten, geen maskers moesten dragen en geen afstand moeten houden en niet langer in quarantaine moesten na in contact te zijn geweest met een besmette persoon (op voorwaarde dat die niet symptomatisch is)7.

Dat moet ons aanmoedigen om zo snel mogelijk zo veel mogelijk mensen te vaccineren.

Prof. Elie Cogan, professor emeritus in de Inwendige Geneeskunde, Delta-Ziekenhuis, Chirec-ziekenhuisgroep.

Dr. Jean Gérain, diensthoofd Inwendige Geneeskunde in het Delta Ziekenhuis en diensthoofd van de afdeling Metabolisme van de Chirec-ziekenhuisgroep.

> Terug naar de nieuwsbrief

Referenties
1. Dagan N, Barda N, Kepten E, et al. BNT162b2 mRNA Covid-19 Vaccine in a Nationwide Mass Vaccination Setting. N Engl J Med 2021.
2. Baden LR, El Sahly HM, Essink B, et al. Efficacy and Safety of the mRNA-1273 SARS-CoV-2 Vaccine. N Engl J Med 2021;384:403-16.
3. He X, Lau EHY, Wu P, et al. Temporal dynamics in viral shedding and transmissibility of COVID-19. Nat Med 2020.
4. Kawasuji H, Takegoshi Y, Kaneda M, et al. Transmissibility of COVID-19 depends on the viral load around onset in adult and symptomatic patients. PLoS One 2020;15:e0243597.
5. Petter E, Mor O, Zuckerman N, et al. Initial real world evidence for lower viral load of individuals who have been vaccinated by BNT162b2. medRxiv 2021:2021.02.08.21251329.
6. Voysey M, Costa Clemens S, Madhi S, et al. Single Dose Administration, And The Influence Of The Timing Of The Booster Dose On Immunogenicity and Efficacy Of ChAdOx1 nCoV-19 (AZD1222) Vaccine. Preprint with The Lancet 2021.
7. Interim Public Health Recommendations for Fully Vaccinated People. at https://www.cdc.gov/coronavirus/2019-ncov/vaccines/fully-vaccinated-guidance.html#print.)